Gezondheid

De essentie en principes van een afzonderlijke voeding

De kracht die je bezit is slechts één kant van de medaille, de andere is verantwoordelijkheid. Er is geen macht of autoriteit zonder verantwoordelijkheid, en hij die het ene accepteert, kan niet ontsnappen of het andere ontwijken. Ieder van u en elke dienaar van de Ethiopische natie en de mensen zouden er goed aan doen deze woorden te overdenken, ze ter harte te nemen en zijn gedrag te leiden in overeenstemming met hun leer. Dit is de uitdaging waarmee u vandaag wordt geconfronteerd. Laat uw inspanningen hier het komende jaar aantonen dat u eraan kunt voldoen.

Moge de Almachtige God u begeleiden en helpen bij uw werk.

Dit werk staat in de publiek domein omdat het voor het eerst werd gemaakt in Ethiopië.

Onder titel XI van het Ethiopische burgerlijk wetboek van 1960 bestaat auteursrecht alleen gedurende de levensduur van de auteur.

Vertaling:

Dit werk staat in de publiek domein wereldwijd omdat het zo is uitgegeven door de auteursrechthebbende.

Het concept van de essentie, attributen en soorten macht

Macht in zijn meest algemene vorm is het vermogen van (eigendom) van een subject (individu, groep, organisatie) om de wil en het gedrag van de andere entiteit (individu, groep, organisatie) te onderwerpen aan hun eigen voordeel of ten behoeve van anderen.

Als een fenomeen van kracht gekenmerkt door de volgende kenmerken:

1. Macht is een sociaal fenomeen dat openbaar is.

2. De kracht van een attribuut (een integraal onderdeel) van het bedrijf in alle stadia van zijn ontwikkeling. (Daarom is in de literatuur trouwens niet een uitdrukking zoals "sociale macht", omdat de macht sociaal is). Het feit dat macht een constante metgezel van de samenleving is, omdat de samenleving een complex systeem is (het sociale lichaam), dat voortdurend beheer behoeft, dat zich in een bestelproces bevindt, gericht op het in goede, werkende staat houden van het systeem - functioneel.

Vanuit het oogpunt van het ontstaan ​​(oorsprong) is de noodzaak om het bedrijf te beheren bepaalt het de aanwezigheid van zoiets als macht. Maar niet andersom, wanneer wordt aangenomen dat het ordenen van sociale processen begon te gebeuren omdat er macht was in de samenleving en haar media.

Opgemerkt moet worden dat de overheid slechts een middel voor sociale controle is, omdat de controle niet alleen een sociale, maar ook in het bijzonder een technisch middel kan zijn, dat wil zeggen het beheer van technische systemen (bijvoorbeeld een auto). Dus de controle - het fenomeen is meer verspreid dan de overheid, wat een puur sociaal fenomeen is. De essentie van dit punt wordt vollediger onthuld in het volgende teken van macht.

3. Macht kan alleen bestaan ​​en functioneren binnen het kader van sociale relaties, dat wil zeggen een relatie die bestaat tussen mensen (individuen, hun teams, andere sociale entiteiten). Er kan geen machtsverhouding bestaan ​​tussen het individu en een ding of tussen mens en dier (zelfs als het dier eigendom is van de eigenaar en hij over zijn lot kan beschikken). Dit komt door de kwaliteit van het volgende is een kenmerk van kracht.

4. Het uitoefenen van macht is altijd een intellectueel en vrijwillig proces wanneer de dwingende impuls die voortkomt uit het onderwerp van de heersende beslissing om te bepalen (te bepalen, te identificeren) afhankelijk was van de wil en het gedrag, de laatste die werd gerealiseerd, zijn geest waarnam. Om deze reden kunnen niet de subjecten zijn van machtsverhoudingen en ondergeschiktheid van mensen met misvormingen van geest en wil.

5. Sociale relaties waarbinnen macht bestaat en wordt geïmplementeerd, zijn een vorm van sociale relaties en machtsverhoudingen hebben een naam. Machtsverhoudingen zijn altijd tweerichtingsverkeer, een van de onderwerpen die het onderwerp aanmatigend (overwint) en de andere - onderdanig. Vanuit het oogpunt van het algemene sociale zijn ze allebei slechts actoren, dat wil zeggen, mensen begiftigd met bewustzijn en wil, maar onder gezag van machtsverhoudingen in een bepaald onderwerp verschijnt als het object van de krachtige impact van het heersende subject.

6. Het belangrijkste kenmerk van macht is dat het altijd gebaseerd is op kracht. De aanwezigheid van krachten bepaalt de positie van een entiteit als een uitspraak. De kracht van macht kan van verschillende aard zijn: het kan een fysieke kracht zijn, de kracht van wapens (knuppels, geweren, nucleaire bommen), de kracht van het intellect, de macht van autoriteit, overtuigingen, esthetische invloed (kracht van schoonheid) , enz. In dit verband moeten niet worden verward door geweld, "de autoriteit van geweld" en de "macht van autoriteit" - zijn verschillende dingen. Geweld houdt in dat een persoon tegen zijn wil wordt blootgesteld door fysieke dwang of dwang.

Het begrip "dwang" in termen van een breder concept van "geweld". Dwang wordt niet altijd geassocieerd met geweld: het kan indirect zijn en houdt in feite in dat een zekere afhankelijkheid van de wil afhankelijk was van de wil van de uitspraak. Deze afhankelijkheid impliceert echter een overtuiging. Wat is dan het verschil? Het lijkt kenmerkend voor het proces van handhaving dat onder autoriteit zich ervan bewust is dat hij onder invloed van macht in strijd handelt met hun eigen belangen en waarden. In het geval van een overtuiging onder autoriteit is van mening dat het voorgestelde onderwerp van het dominante type gedrag in het belang van beide in het waardesysteem past.

7. Vanwege het feit dat de overheid alleen kan plaatsvinden in een bewust gewilde houding en altijd impliceert dat onderwerping aan de wil van de uitspraak afhankelijk was van de wil van de persoon, was het ontbreken van een dergelijke onderwerping met betrekking tot de specifieke middelen en het gebrek aan macht in dit opzicht. Met andere woorden, de bewuste onderwerping is onderworpen aan de aanwezigheid van macht in dit specifieke opzicht over dit specifieke onderwerp.

Er zijn verschillende soorten kracht.

De kracht kan op verschillende gronden worden ingedeeld. Vanuit het oogpunt van het sociale niveau kan bijvoorbeeld worden onderscheiden:

a) de macht op sociale schaal,

b) macht binnen een bepaalde groep (organisatie),

c) de kracht in de relatie tussen twee individuen.

De macht kan worden verdeeld als de politieke en niet-politieke. Politieke macht is degene die in staat is een middel op te lossen om politieke problemen op te lossen, dat wil zeggen een middel om de belangen van grote sociale groepen te beschermen. Soorten politieke macht is de macht van de ene sociale groep (gemeenschap) over de andere (bijvoorbeeld de overheersing van de ene klasse over de andere), de staatsmacht, de macht van de partij en andere politieke organisaties en bewegingen, de macht van politieke leiders. Hoewel er een mening is (Prof. Baytin) dat de macht van de staat en de politieke macht - een en hetzelfde fenomeen zijn. Een dergelijke positie is echter nauwelijks gerechtvaardigd.

Macht binnen een bepaalde sociale gemeenschap (maatschappij, groep, organisatie, etc.) afhankelijk van de wijze van organisatie en regeren kan democratisch of niet-democratisch zijn. En dit geldt niet alleen voor de verdeling van politieke macht, maar ook voor alle andere managementgerelateerde groepen, als democratie

Аннотация научной статьи по государству и праву, юридическим наукам, автор научной работы - Ershov Valentin V.

Het artikel analyseert de standpunten van de vooraanstaande Sovjet-, Russische en internationale onderzoekers die gespecialiseerd zijn in algemene rechtstheorie en de essentie van de rechtsbeginselen. De auteur komt tot de conclusie dat gerechtelijk positivisme dat de overhand had gehad in de Sovjet- en PostSoviet-periode d> nationale wettelijke rechtshandelingen, de theoretische conclusies van H.L.A. Hart, R. Dworkin en G. Brabant over combinatie in de beginselen van het recht juridische realiteit en morele waarde zijn voornamelijk gebaseerd op wetenschappelijk discutabele en diverse concepten van integrerend juridisch bewustzijn, die ontologisch divers sociale regulatoren, recht en niet-recht, waaronder recht en rechtvaardigheid kunstmatig synthetiseert één systeem van vormen van nationaal en internationaal recht. In de praktijk leidt een dergelijk juridisch bewustzijn tot eindeloze en onbeperkte "erosie" van de wet door niet-wet, resulteert in onstabiele, onverwachte, diverse en direct tegenstrijdige precedenten. Uiteindelijk leidt het tot schending van de rechten en wettelijke belangen van de onderwerpen van rechtsbetrekkingen. In overeenstemming met het wetenschappelijk onderbouwde concept van integrerend juridisch bewustzijn, wordt recht niet alleen tot uitdrukking gebracht in de normen van het recht, maar vooral in de rechtsbeginselen die zijn vervat in een enkelvoudig, meerlagig en zich ontwikkelend systeem van geïmplementeerde vormen van nationaal en internationaal recht in de staat. Bijgevolg zijn de rechtsbeginselen wettelijke regulatoren van sociale relaties, en niet "> essentie van de rechtsbeginselen: de rechtsbeginselen zijn objectieve wettelijke regulators van publieke opinies, zij zijn primaire die basale regelmatigheden van wettelijke regulering van public relations uitdrukken," de meest abstracte elementen van een verenigd, zich ontwikkelend en multi-level systeem van vormen van nationaal en internationaal recht. Tijdens hun specificatie ontwikkelen de bevoegde regelgevende instanties hoofdzakelijk specifieke wettelijke normen in de vorm van zowel nationaal als internationaal recht en ook de wettelijke normen in nationale regelgevende rechtshandelingen.

Introductie Bewerken

Berkeley verklaarde dat het zijn bedoeling was een onderzoek in te stellen naar de Eerste Principes van Menselijke Kennis om de principes te ontdekken die hebben geleid tot twijfel, onzekerheid, absurditeit en tegenstrijdigheid in de filosofie. Om de lezer voor te bereiden, besprak hij twee onderwerpen die tot fouten leidden. Ten eerste beweerde hij dat de geest geen abstracte ideeën kan bedenken. We kunnen geen idee hebben van een abstract iets dat veel specifieke ideeën gemeen heeft en daarom tegelijkertijd veel verschillende predicaten en geen predicaten heeft. Ten tweede verklaarde Berkeley dat woorden, zoals namen, geen abstracte ideeën betekenen. Met betrekking tot ideeën beweerde hij dat we alleen maar kunnen denken aan bepaalde dingen die zijn waargenomen. Namen, schreef hij, duiden algemene ideeën aan, geen abstracte ideeën. Algemene ideeën vertegenwoordigen een van verschillende specifieke ideeën. Berkeley bekritiseerde Locke omdat hij zei dat woorden algemene, maar abstracte ideeën betekenen. Aan het einde van zijn inleiding adviseerde hij de lezer om zijn woorden duidelijke, specifieke ideeën te laten opleveren in plaats van deze te associëren met niet-bestaande abstracties.

Сущность принципов права

В статье анализируются точки зрения многих ведущих советских, российских и зарубежных научных работников, специализирующихся в области общей теории права, о сущности принципов права. Обоснованы выводы о том, что доминировавший в советский и постсоветский периоды юридический позитивизм не допускал признания исследователями принципов права в качестве самостоятельного средства правового регулирования общественных отношений, имеющего более высокую юридическую силу по сравнению с нормами права, содержащимися, например, в национальных нормативных правовых актах, теоретические выводы Г.Л. Харта, Р. Дворкина и Г. Брэбана о соединении в принципах права юридической действительности и моральной ценности, прежде всего, основаны на научно дискуссионных и разнообразных концепциях интегративного правопонимания, искусственно синтезирующих в единой системе форм национального и международного права онтологически разнородные социальные регуляторы, право и неправо, в том числе право и справедливость . Такое правопонимание на практике приводит к бесконечному и безграничному «размыванию» права неправом и к нестабильной, неожидаемой, многообразной и прямо противоречивойсудебной практике. В конечном результате к нарушению прав и правовых интересов субъектов правоотношений. В соответствии с научно обоснованной концепцией интегративного правопонимания право выражается не только в нормах права, но прежде всего и в принципах права, содержащихся в единой многоуровневой и развивающейся системе форм национального и международного права, реализуемых в государстве. Следовательно, принципы права это правовые регуляторы общественных отношений, а не «идеи», «начала», «положения» и т.д. Сделан вывод о сущности принципов права: принципы права объективные правовые регуляторы общественных отношений, являются первичными, выражающими основополагающие закономерности правового регулирования общественных отношений, наиболее абстрактными элементами единой развивающейся и многоуровневой системы форм национального и международного права, в процессе конкретизации которых управомоченными правотворческими органами вырабатываются в большей степени определенные нормы права в формах как национального, так и международного рава, в том числе нормы права в национальных нормативных правовых актах.

"Zijn" betekent "waargenomen worden" Bewerken

Berkeley begon zijn verhandeling door te beweren dat het bestaan ​​de staat is van waargenomen door een waarnemer. Menselijke geest weet>

Wat wordt bedoeld met de term "bestaan" wanneer het wordt toegepast op een ding dat door de zintuigen bekend is? Zeggen dat iets bestaat, is zeggen dat het door een waarnemer wordt waargenomen. Dit is het belangrijkste principe van menselijke kennis.

Externe objecten zijn dingen die door onze zintuigen worden waargenomen. We nemen alleen onze eigen sensaties waar of>

Zeggen dat een object bestaat zonder te worden waargenomen, is proberen datgene te abstraheren dat niet kan worden geabstraheerd. We kunnen objecten en hun kwaliteiten niet scheiden of abstract maken van onze waarneming ervan.

Als een object bestaat of wordt waargenomen, moet het door mij of een andere waarnemer worden waargenomen. Het is onmogelijk om het wezen van een verstandig ding te scheiden van zijn bestaan ​​als een perceptie van een waarnemer.

Er kan geen ondenkbare stof of substraat van> zijn

Zijn er dingen die bestaan ​​in een ondenkbare substantie outs>

Текст научной работы на тему «DE ESSENTIE VAN DE RECHTSBEGINSELEN»

Journal of Siberian Federal University. Geesteswetenschappen en sociale wetenschappen 12 (2018 11) 2089-2103

De essentie van de rechtsbeginselen

Valentin V. Ershov *

Russische Staatsuniversiteit van Justitie 69 Novocheremushkinskaya Str., Moskou, 117418, Rusland

Ontvangen op 10.11.2018, ontvangen in herziene vorm op 04.12.2018, geaccepteerd op 11.12.2018

Het artikel analyseert de standpunten van de toonaangevende Sovjet-, Russische en internationale onderzoekers die gespecialiseerd zijn in algemene rechtstheorie en de essentie van de rechtsbeginselen. De auteur komt tot de conclusie dat gerechtelijk positivisme dat overheerste in de Sovjet- en PostSoviet-periode, onderzoekers niet toestond de rechtsbeginselen te erkennen als een onafhankelijk middel voor wettelijke regulering van sociale relaties met een hogere rechtskracht dan die van de normen van de wet , bijvoorbeeld in nationale regelgevende rechtshandelingen, de theoretische conclusies van HLA Hart, R. Dworkin en G. Brabant over combinatie in de beginselen van het recht juridische realiteit en morele waarde zijn voornamelijk gebaseerd op wetenschappelijk betwistbare en diverse concepten van geïntegreerd juridisch bewustzijn, die ontologisch verschillende sociale regulatoren, recht en niet-recht, kunstmatig synthetiseren recht en rechtvaardigheid in een enkel systeem van vormen van nationaal en internationaal recht. In de praktijk leidt een dergelijk juridisch bewustzijn tot eindeloze en onbeperkte "erosie" van de wet door niet-wet, resulteert in onstabiele, onverwachte, diverse en direct tegenstrijdige precedenten. Uiteindelijk leidt het tot schending van de rechten en wettelijke belangen van de onderwerpen van rechtsbetrekkingen. In overeenstemming met het wetenschappelijk onderbouwde concept van integrerend juridisch bewustzijn, wordt recht niet alleen tot uitdrukking gebracht in de normen van het recht, maar vooral in de rechtsbeginselen die zijn vervat in een enkelvoudig, meerlagig en zich ontwikkelend systeem van geïmplementeerde vormen van nationaal en internationaal recht in de staat. Bijgevolg zijn de rechtsbeginselen wettelijke regulatoren van sociale relaties, en niet "ideeën", "oorsprong", "bepalingen", enz. De conclusies werden getrokken over de essentie van de rechtsbeginselen: de rechtsbeginselen zijn objectieve wettelijke regulatoren van de publieke opinies, zij zijn primaire die basale regelmatigheden van wettelijke regulering van public relations uitdrukken, de meest abstracte elementen van een verenigd, zich ontwikkelend en multi-level systeem van vormen van nationaal en internationaal recht. Tijdens hun specificatie ontwikkelen de bevoegde regelgevende instanties hoofdzakelijk specifieke wettelijke normen in de vorm van zowel nationaal als internationaal recht en ook de wettelijke normen in nationale regelgevende rechtshandelingen.

Sleutelwoorden: essentie, essentie van de rechtsbeginselen, wettelijke regulatoren van public relations, verenigd ontwikkelingssysteem met meerdere niveaus van vormen van onderdanen en internationaal recht, specificatie van wetgeving, wettelijke normen, nationale wettelijke rechtshandelingen.

Onderzoeksgebied: recht.

Citaat: Ershov, V.V. (2018). De essentie van de rechtsbeginselen. J. Sib. Gevoed. Univ. HumanIT. soc. sci., 11 (12), 2089-2103. DOI: 10.17516 / 1997-1370-0375.

Dit werk is in licentie gegeven onder een Creative Commons Naamsvermelding-NietCommercieel 4.0 Internationale licentie (CC BY-NC 4.0).

A.M. Vasilyev en andere geleerden op het gebied van algemene rechtstheorie zijn behoorlijk overtuigend in het bestuderen van de theorie van juridische categorieën (Vasilyev, 1976). Aan de andere kant hebben onderzoekers en praktische advocaten niet voldoende aandacht besteed aan een dergelijke belangrijke juridische categorie als "juridische principes" vanuit het standpunt van een wetenschappelijk verantwoorde opvatting van geïntegreerd juridisch bewustzijn. In verband met het bovenstaande is het vrij moeilijk om het oneens te zijn met het gezichtspunt van T.G. Gordienko die schreef: "Ondanks de theoretische en praktische waarde, zijn de kwesties van de rechtsbeginselen in de moderne juridische wetenschap en studiemateriaal over de algemene theorie van recht en staat niet erg populair" (Gordienko, 2000). Onderzoekers besteden bijvoorbeeld niet veel aandacht aan de studie van de belangrijkste theoretische kwesties van de essentie van de rechtsbeginselen. De dubbelzinnige titel van het artikel van T.G. Gordienko zelf is vrij typerend: "Beginselen van recht: de basis van recht en rechtsstelsels" (nadruk van mij).

De term 'principe' is ontleend aan de Franse en Duitse taal in de 18e eeuw. Het gaat terug naar het Latijnse 'principium' dat 'basis', 'oorsprong', 'basispositie', 'leidende idee', 'basisregel van gedrag' betekent (Etimologicheskii slovar '. 1994). In de oudheid benadrukten ze dat "het principe het belangrijkste onderdeel van alles is" (principium est potissima pars cujuque rei).

Het is opmerkelijk dat de meeste pre-revolutionaire specialisten de term 'rechtsbeginsel' niet in hun werken hadden gebruikt, hoewel ze vooral de beginselen van de regel analyseerden. Bijvoorbeeld N.N. Polyanskii paste het concept van 'oorsprong' toe: "De oorsprong van participatie van de mensen in rechtspraak" (nadruk van mij) (Polyanskii, 1911). Na N.N. Polyanskii I.Ya. Foinitskii schreef: ". Twee specifieke oorzaken van het criminele proces zijn de publieke oorsprong en de persoonlijke oorsprong" (nadrukmijn) (Foinitskii, 1912). N.N. Rozin ontwikkelde in 1916 een lijst van "basisoorsprong en voorwaarden voor gerechtelijke activiteiten" (Rozin, 1916). Onder de "basisoorsprong" N.N. Rozin schetste nogal dubbelzinnig het volgende en liet het open voor discussie: "1) onderzoeks- en concurrentieoorsprong, 2) oorsprong van materiële waarheid (bewijs van strafrechtelijke vervolging), 3) oorsprong van spontaniteit, 4) oorsprong van orale aard, 5) oorsprong van publiciteit, 6) gerechtelijke taal "(Rozin, 1916).

V.L. Tomin bestudeerde de kwestie vrij gedetailleerd en vond slechts één werk met het woord "principe": "De basisprincipes van het organiseren van de strafrechtelijke procedure" door I.V. Mikhailovskii gepubliceerd in 1905. Hoewel moet worden opgemerkt dat I.V. Mikhailovskii bestudeerde 'de principes van het organiseren van het strafhof' (mijn nadruk) en niet de principes van het recht!

Als pre-evolutionaire onderzoekers de 'rechtsbeginselen' noemden, bestudeerden ze alleen wettelijke juridische principes vanuit het standpunt van gerechtelijk positivisme. Echter,

meestal werden de rechtsbeginselen bekritiseerd. Bijvoorbeeld, de algemeen aanvaarde pre-revolutionaire klassieker van de rechtstheorie, G.F. Shershenevich begreep de rechtsbeginselen als het algemene idee, de richting die de wetgever bewust of onbewust in een hele reeks wettelijke normen zet (Shershenevich, 1995). Een van de meest voorkomende was het standpunt van E.V. Vas'kovskii. Hij had het zonder enige theoretische argumenten ontwikkeld, ". Met name de beginselen van algemeen recht en natuurrecht zijn controversieel. Het zal resulteren in de volledige en ongecontroleerde rechterlijke discretie, die spoedig kan leiden tot machtsmisbruik" (Vas 'kovskii, 1997).

Met een dergelijke overheersende positie van de meerderheid van de vooraanstaande pre-revolutionaire wetenschappers, de conclusies van L.A. Tikhomirov en Ya.P. Kozel'skii lijken vooral opvallend. Dus schreef L.A. Tikhomirov: "De wetgevers zelf moeten zich laten leiden door iets, de persoon wel of geen rechten geven of acties als hun plicht definiëren" (Tikhomirov, 1998). In de verre 1767, Ya.P. Kozelskii was nog theoretisch nauwkeuriger en zei dat de rechtsbeginselen "iets onveranderlijks en universeels zijn, zodat de wetten die in de staat zijn uitgegeven er altijd mee overeenkomen" (Zolotukhina, 2018).

Tegelijkertijd stond het rechterlijk positivisme dat overheerste in de Sovjet- en Post-Sovjetperiode niet toe dat onderzoekers de rechtsbeginselen erkenden als een onafhankelijk middel voor wettelijke regulering van sociale relaties met een hogere rechtskracht dan die van de normen van wetgeving, bijvoorbeeld in nationale regelgevende rechtshandelingen. Bijvoorbeeld N.G. Aleksandrov, een van de Sovjet-klassiekers van de rechtstheorie in het midden van de 20e eeuw, schreef vrij onzeker: "de basisprincipes van het socialistische recht zijn de verklaringen die het algemene idee en de meest uitgesproken kenmerken van de socialistische wettelijke regulering van het publiek uitdrukken relaties "(Aleksandrov, 1957) (nadruk van mij).

N.G. Aleksandrov schetste vrij consequent dergelijke 'principes' van de Sovjetwet als 'het veiligstellen van de politieke macht van de arbeiders onder leiding van de arbeidersklasse', 'democratisch centralisme' en 'het waarborgen van geplande discipline' (Aleksandrov, 1957).

In 1970 E.A. Lukasheva was een van de eersten in de USSR die een stap vooruit maakte, hoewel het niet genoeg was. Ze bepaalde de rechtsbeginselen als ". Objectief de oorsprong bepaald die als leidraad voor het rechtsstelsel dient" (Lukasheva, 1970) (nadruk van mij). In hetzelfde artikel E.A. Lukasheva schetst theoretisch: ". De oorsprong en ideeën zijn de beginselen van de wet" (Lukasheva, 1970) (nadruk van mij). E.A. Lukasheva onderscheidde de volgende 'rechtsbeginselen', die nogal vreemd lijken vanuit de positie van gerechtelijk positivisme en de positie van de onderzoeksdiscussie-conceptie van bewustzijn van integratief recht (Ershov, 2018): 'rechtvaardigheid', 'wettigheid',

'continue verbinding van rechten en plichten', 'combinatie van overtuiging en dwang' (Lukasheva, 1970).

Helaas hebben veel onderzoekers geen onderscheid gemaakt tussen "het rechtsbeginsel" en het "rechtsbeginsel". Sommige onderzoekers van de 21ste eeuw bieden ook geen noodzakelijke differentiatie (Konovalov, 2018) 1. Terug in 1970, E.A. Lukasheva geloofde (wat naar mijn mening betwistbaar is): wettelijke beginselen zijn identiek aan de rechtsbeginselen, en het onderscheid tussen hen kan slechts voorwaardelijk worden gemaakt, terwijl ze in het rechtssysteem zijn belichaamd, blijven juridische beginselen de beginselen van wettelijk bewustzijn en beïnvloeden de werking van het gehele wettelijke regelsysteem (Lukasheva, 1970). Tegelijkertijd zijn de 'rechtsbeginselen' en 'juridische principes' naar mijn mening verschillende juridische categorieën. Dus D.A. Kerimov schreef overtuigend dat 'juridische principes' de gevestigde grondslagen van juridisch bewustzijn zijn en de belangrijkste richtingen van juridisch beleid (Kerimov, 2001). Bijgevolg zijn ze naar mijn mening geen wet. Tegelijkertijd lijkt het erop dat de rechtsbeginselen de fundamentele (algemene) middelen zijn voor wettelijke regulering van sociale relaties, d.w.z. zij zijn de wet (Ershov, 2018).

S.S. Alekseev, die in de jaren 80-90 van de 20e eeuw een toonaangevende Sovjetgeleerde was op het gebied van de algemene rechtstheorie van de 20e eeuw, herhaalde in 1972 de conclusie van E.A. Lukasheva tot op zekere hoogte. SS Alekseev ontwikkelde echter zijn eigen nogal onzekere zienswijze, later herhaaldelijk herhaald door zijn volgelingen: de rechtsbeginselen zijn ". De wettelijke en leidende oorsprong in de wet die de inhoud, de grondslagen, de geregulariseerde sociale leven karakteriseert Principes doordringen de wet, onthullen de inhoud ervan in de vorm van originele, horizontale 'ideeën', de basisoorsprong van regelgevende richtlijnen '' (nadruk van mij) (Aleskseev, 1972).

In dit concept definieerde S.S. Alekseev helaas in de eerste plaats de essentie van de rechtsbeginselen in de meest algemene vorm. Ten tweede is zijn definitie tegenstrijdig, met inbegrip van uitdrukkingen als "initiële regelgevende oorsprong", "initiële, horizontale ideeën", "belangrijkste principes van regelgevende richtlijnen". Dus liet S.S. Alekseev de hoofdvraag onbeantwoord: zijn de rechtsbeginselen "de oorsprong", de "ideeën", de "verordeningen" of de onafhankelijke en primaire wettelijke regulatoren van public relations?

In 1981 herhaalde S.S. Alekseev echter zijn eigen definitie van de rechtsbeginselen in een gewijzigde vorm. Hij schreef dat de rechtsbeginselen "de initiële regelgevende en leidende oorsprong zijn die in de wet worden uitgedrukt, die de inhoud, de

Zie bijvoorbeeld: A.V. Konovalov noemt zijn artikel "Werking van de rechtsbeginselen en hun rol bij de vorming van de rechtsorde", maar in het artikel zelf schrijft hij over "juridische principes".

fundamentals. de beginselen vormen een speciaal element van de rechtsstructuur. "(nadruk van mij) (Aleskseev, 1981).

De definitie van de rechtsbeginselen als "een speciaal element van de structuur van het recht" is bijzonder verrassend. Helaas bleef S.S. Alekseev niet stilstaan ​​bij de eigenaardigheden van dit "speciale element". In zijn daaropvolgende werken schreef S.S. Alekseev verder dat 'de beginselen van het recht de ideeën zijn. Vervat in de normen' (Aleskseev, 1989). Ten slotte herhaalde S.S. Alekseev in 2002 zijn conclusie (Aleskseev, 2002).

L.S. Yavich in 1976, volgend op S.S. Alekseev, verklaarde ook vrij vaag dat "de rechtsbeginselen de belangrijkste oorsprong zijn van de vorming, ontwikkeling en werking ervan" (Yavich, 1976). Tegelijkertijd, twee jaar later in 1978, verduidelijkte hij zijn conclusie: "de beginselen van de wet zijn. Het begin, de uitgangspunten van het bestaan ​​ervan. Ze zijn universeel, uiterst noodzakelijk en algemeen geldig" (nadruk van mij) (Yavich, 1978). Tegelijkertijd, vanuit de positie van juridisch positivisme, zoals de meeste andere geleerden, L.S. Yavich analyseerde 'normen-principes' in plaats van principes en normen van het recht als verschillende wettelijke regulatoren van sociale relaties (Yavich L.S., 1978). Het is echter opmerkelijk dat L.S. al in 1978 L.S. Yavich benadrukte theoretisch overtuigend, "vanuit epistemologisch oogpunt is het belangrijk dat de categorie" principe "nauw verwant is met de categorieën" legitimiteit "en" essentie "(nadruk van mij)" (Yavich, 1978).

O.V. Smirnov heeft in 1977 een belangrijke stap gezet in de studie van de rechtsbeginselen. Hij kwam tot de belangrijkste conclusie: de rechtsbeginselen weerspiegelen de kenmerken van het algemene, abstracte, essentiële en systemische, de beginselen zijn dieper dan de norm en de norm is rijker dan het principe (nadruk van mij) (Smirnov, 1977).

Helaas werd in de tweede helft van de 20e eeuw een ander standpunt "ingebed" in de algemene rechtstheorie. Volgens het hebben onderzoekers en praktische advocaten in de regel "normen-principes" geanalyseerd. Aldusev schreef S.S. Alekseev: "de rechtsbeginselen verschijnen voornamelijk in de vorm van normen (normen-principes)" (Alekseev, 2002). In dezelfde 2002, O.E. Leist betoogde dat ". Normen-principes de wettelijke voorschriften zijn van een hoog niveau van generalisatie,. Het verkrijgen van geldigheid en rechtskracht alleen als een component van elk van hen" (Problemy teorii gosudarstva. 2002).

Met deze stand van de algemene rechtstheorie in de tweede helft van de 20e eeuw, het standpunt van V.P. Gribanov, het hoofd van de afdeling civiel recht van de Lomonosov Staatsuniversiteit in Moskou, was verrassend en scherp. In 1966 schetste hij dat ". De identificatie van het rechtsbeginsel (naar mijn mening zou het theoretisch nauwkeuriger zijn om het het rechtsbeginsel te noemen) met de rechtsstaat is bijna gelijk aan het ontkennen van rechtsbeginselen in het algemeen" ( Gribanov, 1966). In de tweede helft van de 20e eeuw, het dichtst

het begrijpen van de essentie van de rechtsbeginselen was, geloof ik, V.S. Nersesyants. Niettemin schreef hij nogal vaag: de rechtsbeginselen in het "rechtssysteem" spelen de rol van "de vitale kracht", "zelfreguleringsmechanisme" en "aspiratie" die de eenheid en consistentie van alle elementen van de "juridische systeem "(Nersesyants, 1983).

Gezien de geanalyseerde standpunten van de vooraanstaande Sovjet-experts op het gebied van de rechtstheorie in de tweede helft van de 20e eeuw, wil ik ze samenvatten als definitieve conclusies uit de positie van juridisch positivisme. Allereerst schreven geleerden de rechtsbeginselen niet toe aan onafhankelijke wettelijke toezichthouders public relations. They were limited only to the analysis of the norms of law and only in the "legislation", and more precisely in the national regulatory legal acts. Secondly, they did not differentiate between the principles of law and the norms of law, having developed a theoretically debatable concept of "norms-principles of law". Thirdly, they did not establish the correlation between the principles of law and the norms of law.

In this regard, the principles of law in the second half of the 20th century, as a rule, were not analysed in textbooks on the theory of law and the state. They were only mentioned in separate textbooks for universities, and only from the position of legal positivism in the most traditional sense. For example, R.Z. Livshits, in the textbook on the theory of law, wrote, "the principle is always the initial guiding origin. With regard to law it is the idea" (Livshits, 1994).

At the beginning of the 21st century, many scientists essentially repeated the positions expressed in the second half of the 20th century. For example, G.T. Chernobel' wrote, "the main essential feature of legal principles (emphasis mine) is that embodying a certain synthesized legal idea, a certain legal ideal . they act as an ideological key to understanding and perception of the current legal system, . legal principles are nothing more than legal ideology born by justice" (emphasis mine) (Normotvorcheskaia iuridicheskaia tekhnika, 2011).

However, at the beginning of the 21st century many experts in the field of the general theory of law began to define the principles of law not just vaguely, but, oddly enough, from contradictory positions of both legal positivism and the unscientific concept of integrative legal consciousness synthesizing not only the principles and norms of law contained in the unified, multilevel and developing system of forms of national and international law, but also non-law, for example, justice, judicial precedents and legal positions of the courts (Ershov, 2018).

The point of view of A.V. Konovalov is quite typical. He believes that social relations can be settled "within a framework defined by the principle", "the principles

create a framework in which social relations arise and develop", "the principles of law fulfill. the role of general guidelines", "one of the most important aspects of functioning of the principles of law is that they set the general direction, the main prevailing trends in law enforcement", the principles of law should be "dissolved in positive legislation" (emphasis mine) (Konovalov, 2018).

At least, Konovalov's extremely uncertain conclusion is surprising: "Thus, the principles of law operate in law and order in the following ways: 1) directly influencing social relations in the form of generalized rules of social communication, 2) being set as the basic principles of legislation in its positive norms, 3) being "dissolved" in all norms of the legislation, 4) determining the basic method of the field, 5) developing the key conceptual approaches, ensuring stability and consistency of law enforcement practice, including its most important aspect, legal precedents, 6) representing a semantic core of individual and collective legal consciousness, including the system of motivations of legal behaviour, 7) providing a transfer of the ideal model of settling public relations by law into actual public relations, 8) mediating the accumulation in the society of positive practices in law enforcement as the most important prerequisites for its successful development in the present and in the future, 9) being the conceptual ties tending to the disintegration of the civil law tools, 10) acting as factors that unite the elements of an atomized, horizontally integrated society, and a conceptual alternative to selfish irrational behaviour" (Konovalov, 2018).

With such a "theoretical" approach, it is not at all strange that in the legal encyclopedic dictionary, the principles of law are considered as "basic ideas, starting points or leading elements of the process of its formation" (Iuridicheskii entsiklopedicheskii slovar'. 2008). Essentially, a similar conclusion was made in the textbook "The General Theory of State and Law": the principles of law ". should be understood as the initial regulatory guiding origins (imperative requirements), which determine the general idea of legal regulation of social relations . they also represent certain fundamental ideas that are developed on the basis of scientific and practical experience, however, various legal ideas and ideals only become principles when they are directly (legally) represented in legal acts or other forms of law" (emphasis mine) (Obshchaia teoriia gosudarstva. 2007).

Taking into account the standpoints of the leading Soviet and Russian researchers in the field of general theory of law, I think one cannot but agree with the conclusion made by A.L. Kononov: "the concept of the principles of law in the Soviet legal doctrine exists mainly as . extremely ideological. In fact, the principles of law were understood

more as political ideas than legal ones . Exceptionally positivistic understanding of law did not provide the principles with the value of independent sources of law. It put them out of legislative norms and by virtue of this understanding they could not serve as a criterion for evaluating these norms. The assessment itself was not allowed as well" (Kononov, 2001).

Unfortunately, the practice of the Constitutional Court of the Russian Federation, in my opinion, is theoretically very inconsistent. On the one hand, the Constitutional Court of the Russian Federation from the standpoint of the scientifically based concept of integrative legal consciousness in its Resolution No. 9-P of November 30, 1992 theoretically convincingly differentiated various forms of national law: "general principles of law" and "current legislation" (Vedomosti s'ezda narodnykh. 1993). In the other Resolution No. 1-P of January 27, 2004, the Constitutional Court of the Russian Federation seems to have developed a crucial position: "The general principles of law, including those embodied in the Constitution of the Russian Federation, have the highest authority and are the criterion and measure of the validity of all regulatory acts'' (emphasis mine) (Svod zakonov RF, 2004).

On the other hand, in my opinion, the Constitutional Court of the Russian Federation adopted the Resolution No. 4-P of June 8, 2015 already from the standpoint of the scientifically debatable concept of integrative legal consciousness that synthesizes law and non-law, including the principles of law and justice. This Resolution states that "the need for the increased level of protection of the rights and freedoms of citizens in legal relations related to public liability requires compliance of the legislative mechanisms in force in this field and the law enforcement practice arising from the requirements of Articles 17, 19, 45, 46, 52, 53 and 55 of the Constitution of the Russian Federation and the general principles of law to the criteria of justice, proportionality and legal security, in order to guarantee effective protection of the rights and freedoms of man and citizen, including through the fairness of justice" (emphasis mine) (Postanovlenie Konstitutsionnogo Suda RF., 2015).

The Plenum of the Supreme Court of the Russian Federation also uses the concept of "principles of law" in its Resolutions. It is noteworthy that it provides them with a higher power than the rule of law. For example, in accordance with paragraph 9 of the Resolution No. 21 of the Plenum of the Supreme Court of the Russian Federation of June 2, 2015 "On some issues that courts face when applying legislation governing the work of the head of the organization and members of the collegial executive body of the organization", "if the court determines that the employer decided to terminate the

employment contract with the head of the organization under paragraph 2 of Article 278 of the Labour Code of the Russian Federation in violation of the principles of the inadmissibility of abuse of right (or) prohibition of discrimination in the sphere of labour (articles 1, 2 and 3 of the Labour Code of the Russian Federation), such a decision may be recognized as illegal' (emphasis mine) (Rossiiskaia gazeta, 2015).

There is another example. According to Paragraph 11 of the same Resolution, "if it is determined that the requirements of the legislation and other regulatory legal acts, including the general legal principal of the inadmissibility of abuse of right (emphasis mine), legal interests of the organization, other employees, other persons have been violated by the conditions of the employment contract, . the court shall have the right to dismiss a claim for receiving a payment from the employer in connection with the termination of the employment contract or reduce its size" (Rossiiskaia gazeta, 2015).

Considering the established size of the article, let me limit myself to studying the views of only certain leading international experts in the field of the general theory of law. Many of them analyse the legal category of "the principles of law" from the standpoint of the unscientific concept of integrative legal consciousness that synthesizes law and non-law, for example, justice. Thus, G. Brabant wrote that "the equivalent of the general principles of law is . the natural law of justice" (which is open for discussion, I believe) (Brabant, 1988).

H.L.A. Hart in 1961 published his work The Concept of Law, which many foreign and Russian researchers call the main work of legal philosophy in the 20th century. Hart identified two main approaches in criticism of legal positivism. The first one assumed that there are some principles of human behaviour (emphasis mine), which must comply with the laws in order for them to have legal force (Hart, 1961). R. Dworkin, the student and the most convinced and bright critic of H. Hart, was upholding the second approach. He wrote, "I call a principle such a standard that should be observed not because it contributes to changing or preserving some economic or political situation, but because it expresses some moral requirements, which can be the requirements of justice, fairness, etc." (emphasis mine) (Dworkin, 2004). The second approach assumes a combination of legal reality and moral value (Hart, 1961).

In fact, the conclusions of H.L.A. Hart and R. Dworkin were very close. The proof of this, in particular, is the following phrase of H.L.A. Hart: ". the name of a valid right should be deprived of certain rules due to their extreme moral injustice" (Hart, 1961). In my opinion, the theoretical conclusions of H.L.A. Hart, R. Dworkin and G. Brabant are primarily based on scientifically debatable and diverse concepts

of integrative legal consciousness (Hunt, 1985, Meese, 1987, Waldron, 2008), which artificially synthesizes ontologically diverse social regulators, law and non-law, including law and justice in a single system of forms of national and international law. In practice, such legal consciousness leads to endless and unlimited "erosion" of law by non-law, results in unstable, unexpected, diverse and directly contradictory precedents. In the end it leads to the violation of the rights and legal interests of the subjects of legal relations.

The philosophical encyclopedic dictionary interprets the category "principle" in the subjective and the objective sense. In the subjective sense, as the main position, a prerequisite. In the objective one, as a starting point (Filosofskii entsiklopedichsekii slovar, 2012). For example, Aristotle understood the principle in the objective sense in the form of the first value, the basis on which something exists or will exist (emphasis mine) (Logicheskii slovar'-spravochnik, 1975). Hence, in the philosophical sense, the category "principle" is characterized by a generalization of the most typical, expressing the regularities underlying something.

It is characteristic that in logic the category "principle" is considered as the central concept, the basis of the system, representing the generalization and distribution of a position in relation to all the phenomena of the area from which this principle is abstracted. In this connection, I think, F. Bacon's conclusion is characteristic: "Principles are the primary and simplest elements from which everything else was formed" (emphasis mine) (Bacon, 1937). In turn, I. Kant ingeniously remarked that "the principle is that which contains the basis of the universal connection of everything that represents the phenomenon" (Kant, 1963). Finally, Hegel wrote, remarkably subtly and deeply: "The principle is . the unified one . " (Hegel, 1970).

It seems that, in accordance with the scientifically based concept of integrative legal consciousness, law is expressed not only in the norms of law, but above all in the principles of law contained in a single, multi-level and developing system of forms of national and international law implemented in the state. Consequently, the principles of law are legal regulators of social relations, and not "ideas", "origins", "provisions", etc.

With such a general scientific, theoretical and legal approach, the essence of the principles of law, in my opinion, is that the principles of law are objective legal regulators of social relations. They are primary, expressing the fundamental laws of legal regulation of social relations, the most abstract elements of a single, developing and multi-level system of forms of national and international law. In the process of their specification, authorized law-making bodies develop to a greater degree some

"real" norms of law in the forms of both national and international law, including the norms of law in national regulatory and legal acts.

Aleksandrov, N.G. (1957). Sorsialisticheskie printsypy sovetskogo prava Socialist principles of the Soviet Law, In Sovetskoe gosudarstvo i pravo Soviet state and law, 11, 16-29.

Alekseev, S.S. (2002). Voskhozhdenie kpravu. Poiski i resheniia Ascending to Law. Search and Solutions. Second edition, Moscow, "Norma" Publishing House, 601 p.

Alekseev, S.S. (1981). Obshchaia teoriia prava. Kurs v 2-kh tomakh General Theory of Law. A Course in 2 Volumes. Moscow, Iuridicheskaia literatura Legal literature, 361 p.

Alekseev, S.S. (1989). Obshchie dozvoleniia i obshchie zaprety v sovetskom prave General Permissibility and General Prohibition in the Soviet Law. Moscow, Iuridicheskaia literatura Legal literature, 288 p.

Alekseev, S.S. (1972). Problemy teorii prava: osnovnye voprosy obshchei teorii sotsialisticheskogo prava. Kurs lektsii v 2-kh tomakh. Issues of the Theory of Law: Main Issues of the General Theory of Socialist Law. Course of Lectures in 2 Volumes. Sverdlovsk, Publishing House of Sverdlovsk Law Institute, 396 p.

Brabandt, G. (1937). Frantsuzkoe administrativnoe pravo French Administrative Law. Translated from French by D.I. Vasilyev, D.D. Karpovich, edited by S.V. Bobotov. Moscow, Progress, 488 p. Eрэ6ан, r. (1937).

Bacon, F. (1937). O printsipakh i nachalakh On Principles ad Origins. Moscow, State Socialist Economic Publishing House, 84 p.

Dworkin, R. (1977). Taking Rights Seriously. Cambridge, Massachusetts, Harvard University Press, 392 p.

Ershov, V.V. (2018). Pravovoe i individual'noe regulirovanie obshchestvennykh otnoshenii: monografiia Legal and individual regulation of public relations: a monograph. Moscow, Russian State University of Justice, 628 p.

Etimologicheskii slovar' russkogo iazyka Etymological Dictionary of the Russian Language (1994). N.M. Shansky, T.A. Bobrova. Moscow, Prozerpina, 400 p.

Filosofskii entsiklopedichsekii slovar' Philosophic Encyclopedic Dictionary (2012). Compiled by Gubsky G.V., Korablyova G.V., Lutchenko V.A. Moscow, INFRA-M, 570 p.

Foinitskii, I.Ya. (1996). Kurs ugolovnogo sudoproizvodstva Course of Criminal Procedure. Edited by A.V. Smirnov, Saint-Petersburg, Alfa, 607 p.

Gordienko, T.G. (2000). Printsipy prava - osnova prava i pravovykh system Principles of law: the basis of law and legal systems. In Lichnost' i gosudarstvo na rubezhe vekov: sbornik nauchnykh statei Person and state at the turn of the centuries: collection of scientific articles. Barnaul, Publishing House of Altai University.

Gribanov, V.P. (1966). Pritsipy osushchestvleniia grazhdanskikh prav Principles of implementing civil rights. In VestnikMGU. Seriia "Pravo" The bulletin of Moscow State University. Law Series, 3, 10-23.

Hart, H. (1961). The Concept of Law. Oxford University Press, 261 p.

Hegel, G. (1970). Nauka logiki. V3-kh tomakh The Science of Logic. In 3 Volumes. Moscow, Mysl', 501 p.

Hunt, A. (1985). The Ideology of Law: Advances and Problems in Recent Applications of the Concept of Ideology to the Analysis of Law. Law & Society Review, 19, 1, 11-38.

Iuridicheskii entsiklopedicheskii slovar' Legal Encyclopedic Dictionary (2008). M.O. Buyanova et al. Edited by M.N. Marchenko. Moscow, Prospekt M, 816 p.

Kant, I. (1963). Soch. v 6-ti tomakh. Selectedworks in 6 volumes. Moscow, Mysl', 543 p.

Kerimov, D.A. (2001). Metodologiia prava (predmet, funktsii, problemy filosofii prava) Methodology of Law (Subject, Functions and Issues of the Philosophy of Law). 2e editie. Moscow, Avanta+, 560 p.

Konovalov, A.V. (2018). Deistvie prinsipov prava i ikh rol' v fomirovanii pravoporiadka Functioning of the principles of law and their role in the formation of legal order. In Lex Russica, 10, 9-17.

Kononov, A.L. (2001). Ob obshchikh printsipakh prava vo frantsuzkoi i bel'giiskoi sudesnoi praktike po administrivnym delam On general principles of law in French and Belgian administrative law precedents. In Gosudarstvo i pravo State and Law, 3, 82-86.

Livshits, R.Z. (1994). Teoriiaprava: uchebnik Theory of Law: textbook. Moscow, Bek Publishing House, 224 p.

Logicheskii slovar'- spravochnik Logical Reference Dictionary (1975). Moscow, Nauka, 477 p.

Lukasheva, E.A. (1970). Printsipy sotsialisticheskogo prava Principles of socialist law. In Sovetskoe gosudarstvo ipravo Soviet state and law, 6, 21-29.

Meese, Е. (1987). The Law of the Constitution. Tulane L Rev, 61, 979.

Nersesyants, V.S. (1983). Pravo i zakon. Iz istorii pravovykh uchenii Law and Rule. From the History of Legal Teachings. Moscow, Nauka, 366 p.

Normotvorcheskaia iuridicheskaia tekhnika Rule-making legal methods (2011). N.A. Vlasenko et al. Moscow, NITS INFRA-M, 312 p.

Obshchaia teoriia gosudarstva i prava: Akademichskii kurs General Theory of state an law: Academic course. Edited by M.N. Marchenko. 3rd Edition. Moscow, Norma, 556 p.

Polyanskii, N.N. (1911). Ugolovnyi protsess. Ugolovnyi sud, ego ustroistvo i deiatel'nost Criminal Process. Criminal Court, Its Structure and Functioning Moscow, I.D. Sytin typography, 203 p.

Postanovlenie Konstitutsionnogo Suda RF ot 08.06.2015 No. 14-P "Po delu o proverke konstitutsionnosti chasti pervoi stat'i 256 Grazhdanskogo protsessual'nogo kodeksa Rossiiskoi Federatsii v sviazi s zhaloboi grazhdanki T.I. Romanovoi». No. 130. 06/18/2015. Resolution of the Constitutional Court of the Russian Federation No. 14-P dated June 08, 2015 "On the case about the verification of constitutionality of the first part of Article 256 of the Civil Procedure Code of the Russian Federation in connection with the complaint of citizen T.I. Romanova. No. 130. 06.18.2015

Problemy teorii gosudarstva i prava: Uchebnoe posobie Issues of the Theory of State and Law: Textbook (2002). Edited by M.N. Marchenko. Moscow, Iunist-Dana, 610 p.

Rozin, N.N. (1916). Ugolovnoe sudoproizvodstvo: posobie k lektsiiam Criminal law procedure: textbook to lectures, 3rd edition. Petrograd, Publishing House of Judicial Book Warehouse Pravo, 462 p.

Rossiiskaia gazeta Russian Newspaper (2015). 124 (6695).

Shershenevich, G.F. (1995). Uchebnik russkogo grazhdanskogo prava (po izdaniiu 1907 g.) Textbook on Russian Civil Law (based on the edition of 1907).Moscow, Spark, 556 p.

Svod zakonov RF Corpus of Laws of the Russian Federation (2004). Article 403.

Tikhomirov, L.A. (1989). Monarkhicheskaia gosudarstvennost' Monarchic Statehood. Moscow, Airis-Press, 624 p.

Vasilyev, A.M. (1976). Pravovye kategorii. Metodologicheskie aspekty razrabotki sistemy kategorii prava Legal Categories. Methodological Aspects of Developing the System of Categories of Law. Moscow, Iuridicheskaia literatura Legal literature, 264 p.

Vas'kovskii, E.V. (1997). Rukovosdstvo k tolkovaniiu i primeneniiu zakona (po izdaniiu 1913 g.) Guidelines on Interpretation and Application of Law (edition of 1913). Moscow, Gorodets, 240 p.

Vedomosti s'ezdanarodnykh deputatovRossiiskoiFederatsii i VerkhovnogoSoveta Rossiiskoi Federatsii Newsletter of the Meeting of People's Deputies of the Russian Federation and the Supreme Council of the Russian Federation (1993). Article 400.

Waldron, J. (2008). Hart and the Principles of Legality, in The Legacy of H.L.A. Hart (Kramer, M.H. et al. eds.), 67-84.

Yavich, L.S. (1976). Obshchaia teoriiaprava General Theory of Law. Leningrad, Publishing House of Leningrad University, 286 p.

Yavich, L.S. (1978). Pravo razvitogo sotsialisticheskogo obshchestva (sushchnost' i printsipy) Law of the Developed Socialist Society (Essence and Principles). Moscow, Iuridicheskaia literatura Legal literature, 224 p.

Zolotukhina. N.M. (2018). Politiko-pravovaiamysl'XVIv.:Maksim Grekoprave, zakonnosti i pravosudii. Monografiia Political and legal though of the 16th century: Maxim Grek on law, fairness, legitimacy and justice. A Monograph. Moscow, Iuristinform, 680 p.

Сущность принципов права

Российский государственный университет правосудия Россия, 117418, Москва, ул. Новочеремушкинская, 69

В статье анализируются точки зрения многих ведущих советских, российских и зарубежных научных работников, специализирующихся в области общей теории права, о сущности принципов права. Обоснованы выводы о том, что доминировавший в советский и постсоветский периоды юридический позитивизм не допускал признания исследователями принципов права в качестве самостоятельного средства правового регулирования общественных отношений, имеющего более высокую юридическую силу по сравнению с нормами права, содержащимися, например, в национальных нормативных правовых актах, теоретические выводы Г.Л. Харта, Р. Дворкина и Г. Брэбана о соединении в принципах права юридической действительности и моральной ценности, прежде всего, основаны на научно дискуссионных и разнообразных концепциях интегративного правопонимания, искусственно синтезирующих в единой системе форм национального и международного права онтологически разнородные социальные регуляторы, право и неправо, в том числе право и справедливость. Такое правопони-мание на практике приводит к бесконечному и безграничному «размыванию» права неправом и к нестабильной, неожидаемой, многообразной и прямо противоречивой

судебной практике. В конечном результате - к нарушению прав и правовых интересов субъектов правоотношений. В соответствии с научно обоснованной концепцией интегративного правопонимания право выражается не только в нормах права, но прежде всего и в принципах права, содержащихся в единой многоуровневой и развивающейся системе форм национального и международного права, реализуемых в государстве. Следовательно, принципы права - это правовые регуляторы общественных отношений, а не «идеи», «начала», «положения» и т.д. Сделан вывод о сущности принципов права: принципы права - объективные правовые регуляторы общественных отношений, являются первичными, выражающими основополагающие закономерности правового регулирования общественных отношений, наиболее абстрактными элементами единой развивающейся и многоуровневой системы форм национального и международного права, в процессе конкретизации которых управомоченными правотворческими органами вырабатываются в большей степени определенные нормы права в формах как национального, так и международного права, в том числе нормы права в национальных нормативных правовых актах.

Ключевые слова: сущность, сущность принципов права, правовые регуляторы общественных отношений, единая развивающаяся и многоуровневая система форм национального и международного права, конкретизация права, нормы права, национальные нормативные правовые акты.

Научная специальность: 12.00.00 - юридические науки.

Locke's primary and secondary qualities Edit

According to Locke, a thing's primary qualities, such as its extension, shape, motion, sol >

The primary qualities of figure, motion, etc., cannot be conceived as being separate from the secondary qualities, which are related to sensations. Therefore, primary qualities, like secondary qualities, exist only in the mind. The properties of primary qualities are relative and change according to the observer's perspective. The greatness and smallness of figure, the swiftness and slowness of motion, exist in the mind and depend on point of view or position.

Number Edit

Number exists only in the mind. The same thing is described by different numbers according to the mind's viewpoint. An object can have an extension of one, three, and thirty six, according to its measurement in yards, feet, and inches. Number is relative and does not exist separately from a mind.

Knowledge of external objects Edit

Comparing Ontology with Epistemology, Berkeley asked, "But, though it were possible that sol > Knowledge through our senses only gives us knowledge of our senses, not of any unperceived things. Knowledge through reason does not guarantee that there are, necessarily, unperceived objects. In dreams and frenzies, we have > Materialists do not know how bodies affect spirit. We can't suppose that there is matter because we don't know how > "In short, if there were external bodies, it is impossible we should ever come to know it…." Suppose that there were an intelligence that was not affected by external bodies. If that intelligence had orderly and vivid sensations and ideas, what reason would it have to believe that bodies external to the mind were exciting those sensations and ideas? None.

Berkeley's challenge Edit

Through reflection or introspection it is possible to attempt to know if a sound, shape, movement, or color can exist unperceived by a mind. Berkeley declared that he will surrender and admit the unperceived existence of material objects, even though this doctrine is unprovable and useless, if "…you can conceive it possible for one extended moveable substance or, in general, for any one > In answer to Berkeley's summons, it might be sa > The mind had merely forgotten to include itself as the imaginer of those imagined objects.

Absolute existence Edit

It is impossible to understand what is meant by the words absolute existence of sensible objects in themselves. To speak of perceived objects that are not perceived is to use words that have no meaning or to utter a contradiction.

What causes ideas? Bewerk

> Some non– > A Spirit is that which acts. A Spirit is one simple, undiv > It cannot be perceived. Only its effects can be perceived. The two principal powers of Spirit are Understanding and Will. Understanding is a Spirit that perceives > >

Natural laws Edit

> Necessary connections are not discovered by us. We only observe settled laws of nature and use them to manage our affairs. Erroneously, we attribute power and agency to > is ignored.

Strong and faint ideas Edit

There are strong > They are regular, vivid, constant, distinct, orderly, and coherent. These strong ideas of sense are less dependent on the perceiver. Ideas of imagination, however, are less vivid and distinct. They are copies or images of strong ideas and are more the creation of a perceiver. Nevertheless, both strong and faint ideas are ideas and therefore exist only in a perceiver's mind.

Objection 1 Edit

Objection: All that is real and substantial in nature is banished out of the world, and instead thereof a chimerical scheme of > Answer: Real things and chimeras are both > "The only thing whose existence we deny is that which Philosophers call Matter or corporeal substance." All of our experiences are of things ( > These things, or >

Objection 2 Edit

Objection: There is a great difference betwixt real fire for instance, and the > Answer: Real fire and the real pain that it causes are both ideas. Ze zijn alleen bekend bij een geest die ze waarneemt.

Bezwaar 3 Bewerken

Bezwaar: We "zien" dingen ... op een afstand van ons, en die bijgevolg niet in de geest bestaan ​​... Antwoord: Verre dingen in een droom zitten eigenlijk in de geest. Ook nemen we niet direct afstand waar terwijl we wakker zijn. We leiden de afstand af van een combinatie van sensaties, zoals zicht en aanraking. Ver>

Bezwaar 4 Bewerken

Bezwaar: het zou voortvloeien uit de principes van Berkeley ... dingen worden elk moment vernietigd en opnieuw gecreëerd ... Als niemand ze waarneemt, worden objecten niets. Wanneer een waarnemer zijn ogen opent, worden de objecten opnieuw gemaakt. Antwoord: Berkeley vraagt ​​de lezer ... tegens> "Het is de geest die al die verscheidenheid aan lichamen omlijst die de zichtbare wereld vormen, waarvan er één niet langer bestaat dan wordt waargenomen." Als de ene waarnemer zijn ogen sluit, kunnen de objecten die hij waarnam echter nog steeds in de geest van een andere waarnemer bestaan.

Bezwaar 5 Bewerken

Bezwaar: "Als uitbreiding en figuur alleen in de geest bestaan, volgt hieruit dat de geest uitgebreid en doordacht is ..." Uitbreiding zou een attribuut zijn dat wordt bepaald door het onderwerp, de geest waarin het bestaat. Antwoord: Uitbreiding en figuur zitten in de geest omdat het ideeën zijn die door de geest worden waargenomen. Ze zijn niet in de geest als attributen die worden bepaald door de geest, die het onderwerp is. De kleur rood is misschien een idee in de geest, maar dat betekent niet dat de geest rood is.

Bezwaar 6 Bewerken

Bezwaar: "Heel veel dingen zijn verklaard door materie en beweging ..." De natuurwetenschap heeft veel vooruitgang geboekt door het bestaan ​​van materie en mechanische beweging aan te nemen. Antwoord: Wetenschappers hoeven niet aan te nemen dat materie en beweging bestaan ​​en dat ze effecten hebben op de geest van een waarnemer. Het enige wat wetenschappers moeten doen, is uitleggen waarom we door bepaalde worden getroffen ideeën bij bepaalde gelegenheden.

Bezwaar 7 Bewerken

Bezwaar: het is absurd om alles aan geesten toe te schrijven in plaats van natuurlijke oorzaken. Antwoord: Met behulp van gemeenschappelijke taal kunnen we spreken van natuurlijke oorzaken. We doen dit om te communiceren. In werkelijkheid moeten we echter weten dat we alleen over ideeën in de geest van een waarnemer spreken. We moeten 'denken met de geleerden en spreken met de vulgaire'.

Bezwaar 8 Bewerken

Bezwaar: mensen zijn het er algemeen over eens dat er externe dingen zijn en dat materie bestaat. Heeft iedereen ongelijk? Antwoord: Universele instemming kan de waarheid van een bewering niet garanderen. Veel valse ideeën worden door veel mensen geloofd. Ook kunnen mensen doen alsof materie de oorzaak is van hun gewaarwordingen. Ze kunnen echter geen enkele betekenis begrijpen in de woorden 'materie bestaat'.

Bezwaar 9 Bewerken

Bezwaar: waarom denkt iedereen dan dat materie en een externe wereld bestaan? Antwoord: Mensen merken dat sommige ideeën onafhankelijk van hun wensen of verlangens in hun gedachten verschijnen. Ze concluderen dan dat die ideeën of waargenomen objecten buiten de geest bestaan. Dit oordeel is echter een contradictie. Sommige filosofen, die weten dat ideeën alleen in de geest bestaan, nemen aan dat er externe objecten zijn die op de ideeën lijken. Ze denken dat externe objecten interne, mentale ideeën veroorzaken.

Bezwaar 12 Bewerken

Bezwaar: Materie kan mogelijk bestaan ​​als een inerte, gedachteloze substantie of gelegenheid van> Antwoord: Als materie een onbekende ondersteuning is voor eigenschappen zoals figuur, beweging en kleur, dan gaat het ons niet aan. Dergelijke kwaliteiten zijn sensaties of ideeën in een waarnemende geest.

Bezwaar 13 Bewerken

Bezwaar: de Heilige Schrift spreekt over echte dingen zoals bergen, steden en menselijke lichamen. Holy Writ beschrijft ook wonderen, zoals het huwelijksfeest in Kana, waarin dingen worden veranderd in andere dingen. Zijn dit niets anders dan verschijningen of> Antwoord: Echte dingen zijn sterke, duidelijke, levendige ideeën. Denkbeeldige dingen zijn zwakke, onduidelijke, vage ideeën. Dingen die mensen kunnen zien, ruiken en proeven zijn echte dingen.

Verbannen vragen Bewerken

Omdat de volgende vragen afhangen van de veronderstelling dat er materie bestaat, kunnen deze vragen niet langer worden gesteld:

  • Kan materiële substantie denken?
  • Is materie oneindig deelbaar?
  • Wat is de relatie tussen materie en geest?

Ideeën of ondenkbare dingen Bewerken

Het is een vergissing om te denken dat zinsobjecten, of echte dingen, op twee manieren bestaan: in de geest en niet in de geest (los van de geest). Scepsis ontstaat omdat we niet kunnen weten of de waargenomen objecten lijken op de niet-waargenomen objecten.

Sceptici, fatalisten, afgodendienaren en atheïsten geloven dat materie onopgemerkt bestaat.

Een andere bron van fouten is de poging om na te denken over abstract>

Sceptici zeggen dat we nooit de ware, echte aard van dingen kunnen weten. Er is geen manier, zeggen ze, dat we de> kunnen vergelijken

Het mechanische aantrekkingsprincipe wordt gebruikt om de neiging van lichamen om naar elkaar toe te bewegen te verklaren. Maar aantrekkingskracht is slechts een algemene naam die een effect beschrijft. Het betekent niet de oorzaak van de waargenomen beweging. Alle efficiënte oorzaken worden veroorzaakt door de wil van een geest of geest (geest of geest is dat wat denkt, wil en waarneemt). Zwaartekracht (wederzijdse aantrekkingskracht) is sa>

Vier conclusies komen voort uit deze premissen: (1) Geest of geest is de efficiënte oorzaak in de natuur, (2) We moeten de uiteindelijke oorzaken of doelen van dingen onderzoeken, (3) We moeten de geschiedenis van de natuur bestuderen en observaties en experimenten doen in om bruikbare algemene conclusies te trekken, (4) We moeten de verschijnselen observeren die we zien om algemene natuurwetten te ontdekken om daaruit andere verschijnselen te kunnen afleiden. Deze vier conclusies zijn gebaseerd op de wijsheid, goedheid en vriendelijkheid van God.

Newton beweerde dat tijd, ruimte en beweging kunnen worden onderscheiden in absoluut / relatief, waar / schijnbaar, wiskundig / vulgair. Daarbij nam hij aan dat tijd, ruimte en beweging gewoonlijk worden beschouwd als gerelateerd aan verstandige dingen. Maar zij, zo veronderstelde hij, hebben ook een innerlijke aard die los van de geest van een toeschouwer bestaat en geen verband houdt met verstandige zaken. Hij beschreef een absolute tijd, ruimte en beweging die worden onderscheiden van relatieve of schijnbare tijd, ruimte en beweging. Berkeley was het daar niet mee eens. Voor hem is alle beweging relatief omdat de>

Fouten gemaakt door wiskundigen doen zich voor vanwege (1) hun afhankelijkheid van algemeen abstract> In de rekenkunde hebben die dingen die voor abstracte waarheden en stellingen met betrekking tot getallen in werkelijkheid betrekking hebben op bepaalde dingen die kunnen worden geteld. In de geometrie is een bron van verwarring de veronderstelling dat een eindige uitbreiding oneindig deelbaar is of een oneindig aantal delen bevat. Elke bepaalde eindige lijn, oppervlak of sol> Elke lijn, oppervlak of sol> We kunnen ons geen inch-lange lijn voorstellen die div is>

Geesten, of dingen denken Bewerken

Een geest of geest is dat wat denkt, wil of waarneemt. Er wordt gedacht dat we onwetend zijn over de aard van geest of geest omdat we er geen> hebben. In § 27 werd aangetoond dat de ziel ondeelbaar is. Daarom is het van nature onsterfelijk. Ik weet dat andere geesten of geesten dan ikzelf bestaan ​​omdat ik de> waarneem als ik de orde en harmonie van de natuur waarneem, ik weet dat God, als oneindig wijze geest of geest, de oorzaak is. We kunnen God niet zien omdat Hij een geest of geest is, geen> imperfecties in de natuur, zoals overstromingen, blights, monsterlijke geboorten, enz., Zijn absoluut noodzakelijk. Ze zijn niet het resultaat van Gods directe invloed. Ze zijn het resultaat van de werking van het systeem van eenvoudige, algemene, consistente regels die God in de natuur heeft vastgesteld, zodat levende wezens kunnen overleven. Dergelijke natuurlijke defecten zijn nuttig omdat ze fungeren als een aangename variëteit en de schoonheid van de rest van de natuur benadrukken door hun contrast. De pijn die in de wereld bestaat, is onmisbaar voor ons welzijn. Gezien vanuit een hoger, breder perspectief, is bekend dat bepaalde kwaden goed zijn als ze worden begrepen als delen van een mooi, ordelijk geheel.

Bekijk de video: Wat is lean en wat zijn de vijf hoofdelementen en principes? (Februari 2020).